Kerntemperatuur biefstuk: de tabel van rare tot well done

Cuissons van biefstuk: de gaarheden van rare tot well done naast elkaar

Bij een biefstuk bestaat er geen terugweg: elke graad die de kern te ver doorschiet, krijg je er niet meer uit. Het goede nieuws is dat de heenweg volledig voorspelbaar is. Gaarheid is geen gevoel maar een getal, en dat getal kies je vooraf.

Dit is onze steak-tabel voor de BBQ: van bleu tot well done, met per gaarheid de kerntemperatuur én de vaste regel waarmee je het afhaalmoment bepaalt. Plus het antwoord op de vraag die aan elke BBQ terugkomt: mag een biefstuk eigenlijk rood vanbinnen?

Na het lezen kies je je gaarheid op de graad nauwkeurig, weet je wanneer je een steak eraf haalt en gril je nooit meer per ongeluk een grijze band aan een verder perfecte biefstuk.

Wat is de kerntemperatuur van biefstuk?

De kerntemperatuur van een biefstuk bepaalt de gaarheid: 54 tot 57 °C is medium-rare, onze standaard voor vrijwel elke steak. Wil je hem anders, dan schuif je gewoon met het getal: rood zit op 48 tot 53 °C, doorbakken begint bij 70 °C. Haal de biefstuk bij gewoon grillen 2 tot 4 °C onder je doel van het vuur; de nagaring doet de rest.

GaarheidEngelse termKerntemperatuur
BloedroodBleu43–48 °C
RoodRare48–53 °C
Rosé-rood (onze standaard)Medium-rare54–57 °C
RoséMedium57–63 °C
Rosé-doorbakkenMedium-well63–67 °C
DoorbakkenWell done70 °C en hoger

Deze tabel is de steak-uitsnede van onze kerntemperatuur tabel, waar alle vleessoorten in staan. Voor een klassieke biefstuk van zo’n 3 centimeter dik betekent de standaardroute: mikken op 54 tot 57 °C, van het vuur bij 51 tot 54 °C, en 5 minuten laten rusten terwijl de kern zijn laatste graden pakt.

Welke gaarheid raden wij aan?

Medium-rare, 54 tot 57 °C: het vlees is dan rosé-rood, zacht en op zijn sappigst, terwijl het vet al begint te smelten. De medium raden wij eigenlijk bijna nooit aan. Het vlees is dan op z’n lelijkst: niet meer de zachte textuur van medium-rare, maar ook nog niet de stevige bite van medium-well. Je zit in niemandsland.

Wat ons betreft kies je dus óf medium-rare, óf je gaat door naar medium-well als je van gaarder houdt. En bleu of rare? Dat is een kwestie van smaak en van vlees: bij een mooie, verse biefstuk van de slager is rood vanbinnen prima te verantwoorden. Waarom dat veilig kan terwijl een hamburger door en door gaar moet, lees je in onze kerntemperatuur-gids voor hamburgers: een biefstuk is één intacte spier, dus besmetting komt niet verder dan het oppervlak, en precies dat oppervlak ligt straks recht boven de kolen.

Eén uitzondering op al die vrijheid: ben je zwanger of gril je voor iemand met een kwetsbare weerstand, houd rundvlees dan doorbakken. Rood of rauw rundvlees kan toxoplasmose overdragen; het Voedingscentrum raadt zwangeren rauw en halfgaar vlees daarom helemaal af. Die gok is het nooit waard. Deze regel gaat vóór alle smaakvoorkeuren in deze gids.

Hoe meet je de kerntemperatuur van een biefstuk?

Meet via de zijkant: schuif de tip van de thermometer naar het dikste punt, tot hij echt in het hart van de steak ligt. Bij een biefstuk van 3 centimeter of dunner biedt de bovenkant te weinig diepte voor een betrouwbare prik; de zijkant geeft de sensor zijn volle lengte. Controleer op meerdere plekken en houd het laagste getal aan.

Snelheid telt hier dubbel. Een steak ligt maar een paar minuten per kant op het vuur, dus een meter die tien tellen nadenkt, kost je precisie. Welke thermometers snel en dun genoeg zijn voor steaks, lees je in onze kernthermometer-koopgids.

En prik gerust vaker dan één keer. Een biefstuk is geen ballon: door het gaatje van een meetpunt verliest hij vrijwel niets, en wat je wint is zekerheid op de graad.

Hoe lang moet een biefstuk op de BBQ?

Een biefstuk van 3 centimeter is boven hete kolen in zo’n 2 tot 3 minuten per kant klaar voor de laatste meting; een dikkere klassieke biefstuk (richting de 4 centimeter) krijgt daarna nog een paar minuten naast de kolen tot de kern zijn afhaalmoment bereikt. Tijd is bij steaks alleen een startpunt: het afhaalmoment lees je af op je thermometer.

SteakDikteRoute
Dunne biefstuktot 2,5 cmKort en heet, direct; meten vanaf de eerste keer keren
Klassieke biefstuk±3 cmDirect aankorsten, zo nodig even afgaren naast de kolen
Dikke steak4 cm en meerReverse sear: eerst indirect, dan de korst

Voor de dikke categorie is de volgorde omgedraaid: eerst langzaam indirect garen, daarna kort en gloeiend heet de korst erop. Die route heeft zijn eigen meetmomenten en een eigen valkuil (de nagaring valt er groter uit), en daarom ook een eigen gids: onze reverse-sear-uitleg neemt je er stap voor stap doorheen. Werk je klassiek met twee zones, dan is de indirecte kant je afgaarzone én je uitwijk bij steekvlammen. Je neus waarschuwt daarbij eerder dan je ogen: slaat de geur om van geroosterd vlees naar scherp verbrand vet, dan lekt er vet in de kolen en schuif je de steak naar de indirecte kant.

Kerntemperatuur per steak-snit

Elke steak-snit gaart naar dezelfde cuissonbanden, maar de route en het afhaalmoment verschillen per vorm en dikte. Dit zijn de klassiekers zoals wij ze aanhouden, rechtstreeks uit onze grote tabel: allemaal met medium-rare als doel, maar elk met een eigen moment om uit te stappen.

SnitDoel (medium-rare)Afhaalmoment
Bavette54–57 °C51–54 °C van het vuur
Picanha (heel)54–57 °C45–48 °C uit de indirecte fase, dan searen
Tomahawk54–57 °C46–48 °C uit de indirecte fase, dan searen
Diamanthaas54–57 °C51–54 °C van het vuur
Ribeye54–57 °C51–54 °C van het vuur; vanaf 4 cm: 46–48 °C uit de indirecte fase
Entrecote54–57 °C51–54 °C van het vuur

Het doelgetal is dus telkens hetzelfde; wat verschilt is de route ernaartoe, en vooral hoeveel eerder je eruit moet stappen. De dikke jongens (picanha, tomahawk) lopen via de indirecte fase en de sear, en verzamelen onderweg veel meer nagaring dan een platte lap die kort direct gaat.

Moet een biefstuk op kamertemperatuur komen?

Nee, een biefstuk hoeft niet op kamertemperatuur te komen: een steak van 3 tot 4 centimeter wordt in een uur op het aanrecht maar 2 tot 3 °C warmer vanbinnen, en dat verschil gril je in een halve minuut weg. Rechtstreeks uit de koelkast op het rooster is prima. Wat wél helpt: dep de buitenkant droog, want een droge steak pakt sneller korst.

Het idee achter tempereren klinkt logisch, maar de natuurkunde werkt niet mee: de kern van een compacte steak warmt buiten de koelkast tergend langzaam op. Het uur wachten levert je dus vooral een langer aanrecht-moment op, geen gelijkmatiger gegaarde steak. Gelijkmatigheid haal je uit je route: twee zones, of bij dik vlees de reverse sear.

Werkt nagaring ook bij een biefstuk?

Haal een biefstuk van het vuur bij 2 tot 4 °C onder je doeltemperatuur: een steak van zo’n 3 centimeter gaart na het afhalen precies die paar graden door. Mik je op medium-rare (54 tot 57 °C), dan is 51 tot 54 °C je afhaalmoment. Wie wacht tot de kern het doelgetal aangeeft, eet zijn steak een gaarheid verder dan gepland.

Die doorloop heet nagaring (carry-over cooking): de buitenkant komt veel heter van het rooster dan de kern en verwarmt die kern tijdens het rusten nog een paar graden bij. Hoe dikker de steak en hoe heter de route, hoe groter het effect. Bij een dunne biefstuk van 2 centimeter stelt het weinig voor; bij een reverse sear loopt het juist hoog op, want daar komt na de indirecte fase nog een loeihete sear-fase overheen die er 6 tot 8 °C bij duwt. Vandaar de reverse-sear-regel: uit de indirecte zone bij 8 tot 10 °C onder je doel.

Moet een biefstuk rusten?

Ja, voor de klassieke biefstuk van zo’n 3 centimeter: 5 minuten, onafgedekt op een rooster. In die minuten maakt de nagaring het werk af en verdeelt de warmte zich gelijkmatig door het vlees; het sapverlies scheelt bij medium-rare weinig, maar gaar je richting medium-well, dan wordt dat verschil wél merkbaar.

Dunner dan 2 centimeter? Een minuut of twee is genoeg, anders koelt hij alleen maar af. Een dikke steak van 4 centimeter of meer mag richting de 8 minuten. En leg er niets overheen. Folie verandert de rustminuten in een stoombad: de korst verslapt er binnen een minuut en de kern gaart verder door dan je bedoeling was.

Waarom is mijn biefstuk taai of grijs? 3 boosdoeners

Een mislukte biefstuk heeft bijna altijd een van deze drie oorzaken: gokken zonder thermometer, een dikke grijze band door te lang direct vuur, of een dunne steak die als een dikke is behandeld. Eén gewoonte lost ze alle drie op: vroeg en vaak meten.

Boosdoener 1: gokken op tijd of gevoel. Duimtrucs en minutenlijstjes kennen jouw vlees niet: dikte, begintemperatuur en het vuur van vandaag verschillen per keer. De thermometer is geen hulpmiddel voor beginners maar het gereedschap van iedereen die steaks op de graad wil grillen. In tests schat de duimmethode hooguit een categorie, en vaak niet eens de juiste; je hand is nu eenmaal geen kalibratie-instrument.

Boosdoener 2: de grijze band. Blijft een steak te lang boven direct vuur, dan is de buitenste centimeter al doorbakken terwijl de kern nog naar medium-rare onderweg is: dat is die grijze band rond een rood hart. De fix is afstand of volgorde: afgaren naast de kolen, of bij dikke steaks de reverse sear, die de hele doorsnede in één kleur rosé houdt.

Boosdoener 3: dun vlees, dikke aanpak. Een biefstuk van 2 centimeter heeft geen tweetrapsroute nodig; die is klaar in de tijd die een dikke steak alleen al voor zijn korst gebruikt. Kort en heet, meten bij het keren, en eraf op je afhaalmoment. Geef je hem toch het dikke-steak-programma, dan lever je hem doorbakken af.

Onze aanbeveling: zo grillen wij een biefstuk

Voor de klassieke biefstuk van 3 centimeter: BBQ gloeiend heet, het vlees droogdeppen, peper en zout, en direct boven de kolen een korst grillen in 2 tot 3 minuten per kant: diepbruin en droog, niet zwart. Leg je de steak op en blijft het stil, dan was je rooster nog te koud: een biefstuk hoort vanaf de eerste seconde fel te sissen. Vanaf het keren meten via de zijkant, eraf bij 51 tot 54 °C, en 5 minuten onafgedekt rusten naar medium-rare. Boter of chimichurri erover en snijden maar.

Wil je er meteen smaak aan geven, dan is onze cajun-biefstuk van de BBQ een kant-en-klare route: zelfde meetmomenten, eigen rub. En kom je hier voor een specifieke steak, van bavette tot picanha: per snit verschillen de route en het afhaalmoment, en die vind je allemaal terug in onze kerntemperatuur tabel.

Veelgestelde vragen

Welke kerntemperatuur is medium-rare bij biefstuk?

Medium-rare is 54 tot 57 °C in de kern: rosé-rood, zacht en sappig. Haal de biefstuk bij 51 tot 54 °C van het vuur, want tijdens het rusten gaart hij nog 2 tot 4 °C door. Dit is de gaarheid die wij voor vrijwel elke steak aanraden; meet in het dikste deel van het vlees.

Mag een biefstuk rood of bleu vanbinnen zijn?

Ja, voor gezonde volwassenen is rood rundvlees veilig. Een biefstuk is één intacte spier: bacteriën halen de kern daarvan niet, en het oppervlak waar ze wél zitten krijgt de korst. Dit geldt niet voor gehakt en niet voor iedereen: ben je zwanger of is je weerstand kwetsbaar, houd rundvlees dan doorbakken vanwege het risico op toxoplasmose.

Hoe lang moet een biefstuk rusten?

Voor een klassieke biefstuk van zo’n 3 centimeter: vijf minuten, onafgedekt op een rooster. De nagaring maakt de gaarheid in die minuten af, zodat je straks overal dezelfde gaarheid aansnijdt. Leg er geen folie over: daaronder verweekt de korst en gaart de steak verder door dan je bedoelde. Dunner mag korter, een dikke steak mag richting de 8 minuten.

Waarom stijgt de temperatuur na het grillen nog door?

Dat is nagaring (carry-over cooking): de steak komt van het rooster met een hete rand om een koelere kern, en die twee zoeken tijdens het rusten hun gemiddelde op. Bij 3 centimeter dikte wint de kern zo 2 tot 4 °C, bij een reverse sear met zijn hete eindfase nog meer. Haal hem er dus altijd onder je doel af.

Wat is het verschil tussen een dikke en een dunne steak?

Het verschil zit in de route, niet in het doelgetal. Een dunne biefstuk tot 2,5 centimeter gril je kort en heet, direct boven de kolen, en meet je vanaf het keren. Een dikke steak van 4 centimeter of meer gaart eerst rustig indirect en krijgt daarna pas zijn korst: de reverse sear.

Kun je de gaarheid van biefstuk zonder thermometer bepalen?

Het kan, met de duimmethode of op gevoel, maar wij raden het af: die trucs schatten hooguit een categorie, geen graad. Een kernthermometer kost een paar tellen per meting en geeft je de gaarheid exact. Bij een duurdere steak is dat verschil precies het geld waard.

MEER LEKKERS IN JE MAILBOX?

Wij sturen je elke week een mailtje met nieuwe recepten.

Nieuwsbrief

PRAAT MEE

Heb je vragen over dit artikel of wil je je eigen ervaringen delen? Laat het ons weten in de reacties hieronder! Je krijgt binnen 24 uur antwoord van échte BBQ Nerds.

Plaats de eerste reactie


Inhoudsopgave